Gisteravond hadden we in onze gemeente een gemeentevergadering, waarop ds. Ophoff uit Zwolle een praatje heeft gehouden over bevrijdingspastoraat (zie bijv. zijn eigen webstek). Er is sowieso erg veel stof om op in te gaan; dat wil ik nu niet direct doen. Waar ik nu over wil schrijven, is een beetje een meta-view: de verhouding tussen toe-eigening des heils (zie hier bijv.) en bevrijdingspastoraat.
Volgens mij hebben die twee alles met elkaar te maken. Ik heb het gevoel dat de roep om ‘bevrijdingspastoraat’ voor een deel een gevolg is van de onderbelichting van de toeëigening des heils in de prediking (en ook de prediking vanuit de Heidelbergse Catechismus). Dit zal ik hieronder proberen uit te leggen.
Behoefte aan bevrijdingspastoraat
Wat ik tot nu toe regelmatig gehoord heb als ‘oorzaken’ om bevrijdingspastoraat te willen, komt eigenlijk neer op de volgende punten:
- De geestelijke strijd heeft meer invloed op ons dan we ons bewust zijn geweest in het verleden.
- Geestelijke blokkades worden concreet aangewezen en opgeheven (door schuldbelijdenis en gebed, en in een aantal gevallen ook in het wegsturen van demonen).
- In de gesprekken in het bevrijdingspastoraat krijgen mensen persoonlijke handvatten aangereikt om in de bevrijding door Jezus te gaan staan (declamaties als ‘omdat ik een kind van God ben, heeft de duivel geen recht meer op mij’, of in de aansprekende vorm: ‘omdat ik een kind van God ben, heb jij (demon) geen recht meer op mij’.
- Jezus heeft zijn discipelen toch ook de volmacht gegeven om demonen weg te sturen in zijn Naam; zouden we nu zonder wapens zijn komen te zitten, sinds de apostelen en eerste discipelen niet meer leven?
Alleen het laatste punt is meer exegetisch van aard en is daarmee zeker niet onbelangrijk, maar dit functioneert volgens mij niet primair als oorzaak, maar meer als rechtvaardiging achteraf. Dit punt valt nu een beetje buiten mijn onderwerp hier, wel denk ik dat het belangrijk is om apart een keer op in te gaan.
Toeëigening des heils
Wat ik heb begrepen van de prediking met aandacht voor de toeëigening des heils, heeft hiermee volgens mij wel overlap. Om kort te gaan, ik probeer puntsgewijs aan te geven op welke onderwerpen in de toeëigening des heils nadruk wordt gelegd.
- Een mens is in zichzelf zwak en niet in staat om volledig en echt tot Gods eer te leven. De oorzaak hiervoor ligt in de wereld, de duivel en het eigen vlees.
- De belofte van het evangelie is voor iedereen die in Jezus gelooft, die wil breken met de duivel en heel zijn rijk, en voor God wil leven.
- Het heil is niet iets dat iedereen als ‘vanzelfsprekend’ kan aannemen. Het vereist een persoonlijke bekering, van harte en zonder voorbehoud. Deze bekering kan niet zonder vruchten blijven.
- Er moet gewaarschuwd worden voor de consequenties van het niet-aannemen van Gods beloften .
Overeenkomsten
Ik zie wel wat overeenkomsten in onderwerpen en in de aanpak. In beide gevallen:
- is de geestelijke strijd een wezenlijk en belangrijk uitgangspunt
- wordt nadruk gelegd op de noodzaak de verlossing in Christus je persoonlijk eigen te maken
- wordt een verandering in levenshouding en -stijl nagestreefd.
Verschillen
Ik zie ook verschillen:
- De aanpak van de problemen vindt in het ene geval in zeer besloten, en in het andere geval in publieke setting plaats.
- (met het vorige punt samenhangend) Het ene traject is alleen als je het aanvraagt en (in de meeste gevallen) eenmalig, het andere is voor de hele gemeente en doorlopend.
- Het bevrijden van demonische machten wordt in het ene geval op basis van ‘claims in de autoriteit van Jezus’ gedaan; In de andere aanpak worden mensen opgeroepen om in gebed naar Jezus te gaan om door Hem je te laten bevrijden; de bevrijding wordt aangezegd in beloften.
- (met het vorige punt samenhangend) De autoriteit van mensen over demonen wordt in het ene geval absoluter geclaimd dan in het andere; de afhankelijkheid van Gods hand lijkt in het ene geval minder op de voorgrond te staan dan in het andere geval.
- Er is ook verschil in visie op de samenhang tussen zonden en demonische binding. Ik kan alleen het verschil nu niet zo goed omschrijven, het is mij nog niet helder genoeg. Iemand ideeën?
Verband in de tijd?
Volgens mij heeft het verontachtzamen van het één (de toeëigening van het heil) geleid tot de roep om het ander (bevrijdingspastoraat), via wellicht een vorm van verbondsautomatisme. De prediking is in mijn beleving over het algemeen een stuk minder herderlijk-confronterend geworden, meer óver God en het geloof dan dat de gemeente bij God wordt gebracht en met Zijn majesteit en grootheid en genade wordt geconfronteerd.
Wellicht heeft ook meegespeeld dat in de praktijk veel mensen vanuit (terechte) voorzichtigheid de demonische machten weinig aandacht gegeven hebben; anderen hebben daardoor het beeld gekregen dat de geestelijke strijd die je in de bijbel ziet, nu niet meer concreet werd aangewezen. De roep om bevrijdingspastoraat is daarin dan een overcompensatie (volgens mij).
En – daarop doordenkend – de manier waarop er in de hele bijbel (ook in het OT) omgegaan wordt met geloof/ongeloof, bekering, strijd tussen vrouwenzaad en slangenzaad, is een beetje onderbelicht geraakt, waardoor losse teksten over uitzonderlijke verschijnselen in kortere periodes nu niet meer in het al lang bekende grote kader worden geplaatst. Maar nu kom ik toch weer op de exegetische vraag. Die bewaar ik voor een andere keer.
Tenslotte
Tenslotte speelt de vraag naar de verhouding tussen aan het ambt van aan de ene kant onze herders en leraars en aan de andere kant het ambt van alle gelovigen, op de achtergrond mee. En naar de bron van de autoriteit van beide groepen over de demonische wereld.
Ik ben blij dat onze Herder ons heeft geleerd te bidden, zodat ik onze verlossing van de boze van God de Vader verwacht, vandaag, morgen en uiteindelijk volledig bij de wederkomst. Maranatha!
Gearchiveerd onder: kerkelijke ontwikkelingen getagged: | bevrijdend pastoraat, bevrijdingspastoraat, toeëigening des heils
Heb hier niet heel diep over nagedacht: Er is ook verschil in visie op de samenhang tussen zonden en demonische binding. Ik kan alleen het verschil nu niet zo goed omschrijven, het is mij nog niet helder genoeg. Iemand ideeën?
maar ik zal proberen onder woorden te brengen wat volgens mij een verschil is.
Als het gaat over bevrijdingspastoraat hoor ik vaak geluiden die al dan niet expliciet gaan over specifieke zonden die tussen jou en God staan. Als je het ver doorvoert dan zou ik door een demonische binding autistisch zijn en als God mij verlost van die demonische verbinding, heb ik ook geen last meer van mijn autisme. Om daar van verlost te worden moet ik op zoek gaan naar welke zonden in dit specifieke geval tussen mij en God staan of zelfs welke demonische macht. Wat ik mis (zeker in die ver doorgevoerde visie) is het feit dat wij zwakke mensen zijn en blijven en dat ons eigen vlees dus ook ons van God af kan trekken.
Misschien helpt dit wat om het verschil wat helderder te krijgen?
Jazekers. Dank!
Ik denk er toch heel anders over. Veel mensen met mij ook. Er zullen vast goede punten zijn, maar de mislukkingen, daar lezen we niet over bij het bevrijdingspastoraat.
zie: http://kritischgeloven.blogsnel.nl/
Gaat ook over het bevrijdingspastoraat
Lees mijn bijdrage nog eens; wellicht zie je dan dat ik helemaal niet zo superpositief sta tegenover bevrijdingspastoraat.
Alleen was dit stuk bedoeld om de ontwikkeling van meer aandacht voor bevrijdingspastoraat te koppelen aan de ontwikkeling van verminderde aandacht voor de ‘toeëigening des heil’. Zoeken naar een verklaring ipv het verschijnsel zelf aankaarten.